ECLI:NL:RBROT:2005:AU7735, Rechtbank Rotterdam, 09-12-2005, 05/4447 — RBROT:2005:AU7735
Samenvatting
Afwijzing verzoek om versnelde naturalisatie topsporter na positief advies van de Staatssecretaris van VWS. Niet in geschil is dat niet wordt voldaan aan de eis van 5 jaar hoofdverblijf en toelating en de eis dat een naturalisatietoets moet zijn afgelegd. De afwijzing, welke is gebaseerd op een nadere belangenafweging mede gelet op de wijzigingen na 1 april 2003, is onzorgvuldig voorbereid en berust niet op een deugdelijke motivering. De rechtbank overweegt daartoe dat de bedoeling van de topsportersregeling is dat van één of meer reguliere voorwaarden kan worden afgeweken. Verweerder heeft geen motivering gegeven waarom de termijn van twee jaar die eiser in Nederland verblijft te kort zou zijn. Ook is daarvoor geen grondslag in de handleiding te vinden. De wijziging per 1 april 2003 ten aanzien van de eis van hoofdverblijf is aangevuld met de eis van toelating. Eiser heeft gedurende zijn hoofdverblijf tevens toelating gehad, zodat de door verweerder aangehaalde andere belangenafweging daartoe in casu geen afdoende motivering kan vormen. Ten aanzien van het inburgeringsvereiste heeft de gemeente geadviseerd dat eiser het Nederlands voldoende kan verstaan en spreken en voldoende is ingeburgerd. Voorts is verweerder zelf van mening, blijkens het verslag van de hoorzitting in bezwaar, dat eiser redelijk Nederlands spreekt. Voorts volgt eiser Nederlandse les. Verweerder had gelet hierop en op het karakter van de topsportersregeling niet zonder nader onderzoek naar de mate van inburgering voorbij kunnen gaan aan deze positieve aanknopingspunten en tot het oordeel kunnen komen dat eiser niet voldoende is ingeburgerd. De wijziging per 1 april 2003 ten aanzien van het inburgeringsvereiste betreft de invoering van de naturalisatietoets. Het betreft een middel om te toetsen of voldaan wordt aan het wettelijk vereiste van inburgering. Nu het topsportersbeleid niet is gewijzigd sedert 1 april 2003, vindt deze overweging geen grondslag in de wettekst van versnelde naturalisatie dan wel een wijziging van het topsportersbeleid, zodat deze overweging niet berust op een deugdelijke motivering. Voorts is verweerder in het bestreden besluit niet ingegaan op eisers beroep op het gelijkheidsbeginsel.
Betrokken advocaten
mr. G.M.H. Hoogvliet
eiser
mr. G.R. de Groot
eiser
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2023:2446, Rechtbank Den Haag, 15-02-2023, NL22.25359 en NL22.25360
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RVS:2022:1443, Raad van State, 18-05-2022, 202003806/2/R3
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RVS:2019:563, Raad van State, 20-02-2019, 201807828/1/V1
Raad van State · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RVS:2019:276, Raad van State, 29-01-2019, 201900399/2/V3
Raad van State · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Gegevens
Datum uitspraak
9 december 2005
Instantie
Rechtbank RotterdamRechtsgebied
Bestuursrecht; VreemdelingenrechtZaaknummer
05/4447
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBROT:2005:AU7735