ECLI:NL:RBROT:2013:5541, Rechtbank Rotterdam, 25-07-2013, AWB-12_02438 - AWB-12_02440 — RBROT:2013:5541
Samenvatting
Boete opgelegd wegens overtreding van art 8.8 Wet handhaving consumentenbescherming (Whc) in samenhang met artikel 6:193c, eerste lid, aanhef en onder g, BW en openbaarmaking van het sanctiebesluit. Na een inventariserend onderzoek naar bijkoopgaranties is bij een aantal bedrijven die via filialen elektrische huishoudelijke apparaten en consumentenelectronica verkopen nader onderzoek ingesteld naar ondermeer de naleving van regels omtrent garantie en conformiteit (art 7:17-18 en 7:21-22 BW). Uit de aan de overtreding ten grondslag gelegde bewijsmiddelen, met name verklaringen van de directie op het hoofdkantoor, verklaringen van filiaalmanagers, mysteryshoppings en consumentenverklaringen, volgt dat de consument niet (juist) wordt geïnformeerd over de mogelijkheid van non-conformiteit en het recht op kosteloos herstel of vervanging van het defecte product in dat geval. Deze handelwijze is te kwalificeren als een inbreuk op artikel 6:193c, eerste lid, aanhef en onder g, van het BW. Door de op ondernemingsniveau uitgedragen, onjuiste en misleidende wijze van informatieverstrekking over het recht op garantie en conformiteit, kan een potentieel grote groep van consumenten in gelijksoortige belangen zijn of worden geschaad. Uit de bewijsmiddelen blijkt dat in de bezochte filialen ook daadwerkelijk op deze onjuiste en misleidende wijze informatie aan consumenten werd verstrekt. Hiermee staat vast dat sprake is van handelen of nalaten dat schade toebrengt of kan toebrengen aan collectieve belangen van consumenten. Verweerder is derhalve bevoegdheid om handhavend op te treden. Dat het onderzoek aanvankelijk (tevens) was gericht op de bijkoopgaranties tast deze bevoegdheid niet aan. Er is geen sprake van schending van het gelijkheidsbeginsel, vertrouwensbeginsel, subsidiariteitsbeginsel, evenredigheidsbeginsel, motiverings- en zorgvuldigheidsbeginsel. De opgelegde boete is passend en geboden. De publicatie van het sanctiebesluit is rechtmatig.
Betrokken advocaten
mr. P.S. Kösters
eiser
mr. P.J. Schnetzler
eiser
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBZWB:2025:8763, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 03-12-2025, C/02/440294 / KG ZA 25-494 (E)
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:CBB:2025:560, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 12-09-2025, 24/719
College van Beroep voor het bedrijfsleven · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBROT:2025:7319, Rechtbank Rotterdam, 19-06-2025, ROT 24/5764
Rechtbank Rotterdam · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:10948, Rechtbank Den Haag, 16-06-2025, C/09/683931 / KG ZA 25-359
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
25 juli 2013
Instantie
Rechtbank RotterdamRechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
AWB-12_02438 - AWB-12_02440
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBROT:2013:5541