ECLI:NL:RBROT:2021:3111, Rechtbank Rotterdam, 06-04-2021, 10/965035-13 — RBROT:2021:3111
Samenvatting
Art. 529 en 530 Sv. Een langlopend strafrechtelijk onderzoek tegen een officier van justitie is geseponeerd. Vervolgens wordt vergoeding van de advocaat- en deskundigenkosten verzocht. Ten aanzien van de advocaatkosten ligt de vraag voor of de (pro)actieve opstelling van de verdediging in matigende zin moet worden meegewogen bij het bepalen van de hoogte van de vergoeding. De rechtbank beantwoordt die vraag bevestigend. Niet omdat de verdediging kan worden verweten dat zij zich strategisch genoodzaakt zag bepaalde keuzes te maken, maar wel omdat niet zonder meer alle daaraan verbonden kosten voor rekening van de Staat moeten komen. Het gaat er namelijk bij de beoordeling van een verzoek als het onderhavige om of de verzochte vergoeding in redelijke verhouding staat tot de aard, complexiteit en omvang van de zaak. Omdat alleen al kan worden gezegd dat de strategie van de verdediging in ieder geval heeft bijgedragen aan de omvang van het onderzoek, is dat een omstandigheid waarmee rekening moet worden gehouden. Daarnaast wordt de hoogte van het door de advocaat gehanteerde uurtarief meegewogen. De verzochte vergoeding wordt naar redelijkheid met een derde gematigd tot € 85.000,-. Met betrekking tot de deskundigenkosten wordt geoordeeld dat niet kan worden vastgesteld dat en in hoeverre het rapport van de deskundige het belang van het onderzoek heeft gediend. Die verzochte vergoeding wordt daarom afgewezen.
Betrokken advocaten
mr. M.M. Egberts
openbaar ministerie
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBLIM:2026:1071, Rechtbank Limburg, 03-02-2026, 03.307481.24
Rechtbank Limburg · Strafrecht
ECLI:NL:RBLIM:2026:1072, Rechtbank Limburg, 03-02-2026, 03.034326.25
Rechtbank Limburg · Strafrecht
ECLI:NL:RBLIM:2025:11890, Rechtbank Limburg, 01-12-2025, 03.209785.23
Rechtbank Limburg · Strafrecht
ECLI:NL:RBLIM:2025:11649, Rechtbank Limburg, 25-11-2025, 25-008118
Rechtbank Limburg · Strafrecht
Gegevens
Datum uitspraak
6 april 2021
Instantie
Rechtbank RotterdamRechtsgebied
StrafrechtZaaknummer
10/965035-13
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBROT:2021:3111