ECLI:NL:RBROT:2025:3586, Rechtbank Rotterdam, 10-03-2025, 10-030407-23/ 25-001989 — RBROT:2025:3586
Samenvatting
Beslissing op bezwaarschrift tegen de dagvaarding (262 Sv). Beroep op niet-ontvankelijkheid wegens schending van beginselen van een goede procesorde wordt verworpen. Door het OM zijn geen concrete toezeggingen gedaan over het moment waarop over verdere vervolging van de bezwaarde zou worden beslist. Ook uit het systeem van de wet kan niet worden afgeleid dat een eenmaal ingezette procedure ex artikel 182 Sv volledig doorlopen en uitgevoerd dient te zijn voordat de officier van justitie hierover een beslissing kan nemen. Bevoegdheidsverdeling tussen de bijzondere raadkamer en de zittingsrechter. De omstandigheid dat dagvaarding van de bezwaarde volgens de verdediging op dit moment niet noodzakelijk is en mogelijk niet in het belang van het verder uit te voeren onderzoek, kan evenmin leiden tot niet-ontvankelijkheid.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBROT:2025:14857, Rechtbank Rotterdam, 17-12-2025, 10/263799-23
Rechtbank Rotterdam · Strafrecht
ECLI:NL:RBROT:2025:14638, Rechtbank Rotterdam, 04-12-2025, 83-124162-22
Rechtbank Rotterdam · Strafrecht
ECLI:NL:RBROT:2025:11793, Rechtbank Rotterdam, 25-08-2025, 10/031914-23
Rechtbank Rotterdam · Strafrecht
ECLI:NL:RBMNE:2025:3484, Rechtbank Midden-Nederland, 15-07-2025, 16/026175-24 (P)
Rechtbank Midden-Nederland · Strafrecht
Gegevens
Datum uitspraak
10 maart 2025
Instantie
Rechtbank RotterdamRechtsgebied
StrafrechtZaaknummer
10-030407-23/ 25-001989
Procedure
Beschikking
ECLI
ECLI:NL:RBROT:2025:3586