ECLI:NL:RBROT:2025:6717, Rechtbank Rotterdam, 04-06-2025, C/10/694524 / HA ZA 25-153 — RBROT:2025:6717
Samenvatting
Vonnis in incident. Vrijwaring. Toewijzing. Uit de stellingen van eiser in het incident is voldoende af te leiden dat voor de partijen die hij in vrijwaring wil oproepen mogelijk een verplichting bestaat om (een deel van) de nadelige gevolgen van een mogelijke veroordeling van eiser in het incident in de hoofdzaak te dragen. Het is in dit incident niet vereist dat nu al komt vast te staan dát die verplichting daadwerkelijk bestaat en dus ook niet dat eiser in het incident het bestaan van die verplichting (uitvoerig of sluitend) met bewijs onderbouwd. Of de verplichting tot vrijwaring bestaat, komt pas bij de inhoudelijke behandeling van de vrijwaringszaak aan de orde.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBROT:2025:5687, Rechtbank Rotterdam, 08-05-2025, C/10/696127 / HA RK 25-243
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:RBAMS:2024:6679, Rechtbank Amsterdam, 30-10-2024, C/13/748015 / HA ZA 24-260
Rechtbank Amsterdam · Civiel Recht; Burgerlijk Procesrecht
ECLI:NL:RBROT:2024:9948, Rechtbank Rotterdam, 02-10-2024, C/10/671644 / HA ZA 24-40
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht; Ondernemingsrecht
ECLI:NL:RBAMS:2024:2437, Rechtbank Amsterdam, 21-03-2024, C/13/746709 / KG ZA 24-132
Rechtbank Amsterdam · Civiel Recht; Burgerlijk Procesrecht
Gegevens
Datum uitspraak
4 juni 2025
Instantie
Rechtbank RotterdamRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
C/10/694524 / HA ZA 25-153
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBROT:2025:6717