ECLI:NL:RBUTR:2011:BQ7201, Rechtbank Utrecht, 19-05-2011, 10/1035 (Alkmaar) — RBUTR:2011:BQ7201
Samenvatting
Elektronische verzending in de zin van artikel 2:17, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Voor de beantwoording van de vraag of sprake is van bekendmaking van de besluiten van 12 december 2009 (de Berichten Studiefinanciering van 12 december 2009 en 2010, nrs. 2) is het volgende van belang. De rechtbank begrijpt verweerders werkwijze aldus dat nadat een Bericht Studiefinanciering op ‘Mijn IB-groep’ is geplaatst, ten behoeve van dat bericht een e-mailbericht aan de betrokkene wordt gestuurd, waarbij er mededeling van wordt gedaan dat er een nieuw Bericht Studiefinanciering op ‘Mijn IB-groep’ is geplaatst. Naar het oordeel van de rechtbank is pas sprake van bekendmaking als beide voornoemde handelingen zijn verricht. Het moment waarop een e-mailbericht in vorenbedoelde zin aan de betrokkene wordt gestuurd, vormt aldus het sluitstuk en daarmee de laatste voorwaarde voor de bekendmaking. De rechtbank is van oordeel dat verweerder onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat op 18 december 2009 in verband met de Berichten Studiefinanciering van 12 december 2009 aan het door eiseres opgegeven e-mailadres een e-mailbericht is verzonden. De rechtbank is gelet hierop van oordeel dat de besluiten van 12 december 2009 niet op de voorgeschreven wijze zijn bekendgemaakt. Dit heeft tot gevolg dat de termijn voor het indienen van een bezwaarschrift geen aanvang heeft genomen. Het bezwaarschrift van eiseres is derhalve voor het begin van de termijn ingediend in de zin van artikel 6:10, eerste lid, van de Awb. Ten aanzien van een dergelijk prematuur bezwaar blijft volgens die bepaling niet-ontvankelijkverklaring op grond daarvan achterwege indien ? onder meer ? het besluit ten tijde van de indiening wel reeds tot stand was gekomen. De rechtbank stelt vast dat daarvan in het onderhavige geval sprake is, nu (eiseres) ten tijde van het indienen van het bezwaarschrift (heeft geconstateerd dat) de Berichten Studiefinanciering van 12 december 2009 op ‘Mijn IB-groep’ waren geplaatst.
Betrokken advocaten
mr. M. van der Toorn
eiser
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:CRVB:2010:BN7801, Centrale Raad van Beroep, 10-09-2010, 10-914 WSF
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBROE:2010:BN6013, Rechtbank Roermond, 03-09-2010, AWB 10/1005, 10/1006
Rechtbank Limburg · Bestuursrecht
ECLI:NL:CRVB:2010:BN5504, Centrale Raad van Beroep, 27-08-2010, 09-6676 WSF
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht
ECLI:NL:CRVB:2010:BN5127, Centrale Raad van Beroep, 27-08-2010, 10-953 WSF
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht
Gegevens
Datum uitspraak
19 mei 2011
Instantie
Rechtbank Midden-NederlandRechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
10/1035 (Alkmaar)
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBUTR:2011:BQ7201