ECLI:NL:RBUTR:2012:BY7790, Rechtbank Utrecht, 28-12-2012, SBR 12/348 — RBUTR:2012:BY7790
Samenvatting
Deze uitspraak bouwt voort op de (inhoudelijke) tussenuitspraak van 27 juli 2012. In deze uitspraak heeft de rechtbank overwogen dat verweerder onvoldoende heeft gemotiveerd dat andere belangen meer wegen dan het belang van openbaarmaking als het gaat om passages in de documenten 9, 10, 12, 18, 45 tot en met 49 en document 54. Over document 54, zijnde 109 journaalmutaties, heeft verweerder in zijn aanvullend besluit van 18 oktober 2012 gemotiveerd uiteengezet welke belangen zich verzetten tegen openbaarmaking van dit document. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder alsnog voldoende gemotiveerd dat het belang van de opsporing en vervolging als bedoeld in artikel 10, tweede lid, aanhef en onder c, van de Wob zich verzet tegen openbaarmaking van de 109 journaalmutaties van de rijksrecherche. De rechtbank heeft bij kennisneming van de journaalmutaties vastgesteld dat openbaarmaking hiervan, inclusief de feiten van algemene bekendheid, tactische informatie en operationele keuzes bij de inrichting en voortgang van het onderzoek van de rijksrecherche zou blootleggen. Ook de omstandigheid dat op dit moment nog een zogeheten artikel-12-procedure loopt bij het gerechtshof Amsterdam is een opsporings- en vervolgingsbelang dat verweerder meer mag laten wegen dan het belang van openbaarheid. Reeds op deze grond heeft verweerder openbaarmaking van de journaalmutaties naar het oordeel van de rechtbank in redelijkheid kunnen weigeren, waarbij de rechtbank opmerkt dat de motivering die verweerder heeft gegeven bij de weigeringsgrond van artikel 10, tweede lid, onder g, van de Wob (onevenredige benadeling) in feite ook weer over het belang van de opsporing en vervolging gaat, zodat deze weigeringsgrond geen zelfstandige betekenis heeft. Ook de weigeringsgrond van artikel 11 van de Wob (persoonlijke beleidsopvattingen) behoeft geen bespreking, nu verweerder al op grond van artikel 10, tweede lid, aanhef en onder c, van de Wob openbaarmaking van de journaalmutaties heeft mogen weigeren. De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het bestreden besluit en bepaalt dat de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand blijven.
Betrokken advocaten
R.J.E. Vleugels
eiser
mr. A. Dingemanse
eiser
mr. M. van der Vegt
eiser
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBROT:2026:1938, Rechtbank Rotterdam, 24-02-2026, ROT 25/4510
Rechtbank Rotterdam · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBROT:2025:14039, Rechtbank Rotterdam, 02-12-2025, ROT 24/8478
Rechtbank Rotterdam · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBROT:2025:13598, Rechtbank Rotterdam, 25-11-2025, ROT 24/6873
Rechtbank Rotterdam · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBROT:2025:13292, Rechtbank Rotterdam, 20-11-2025, ROT 23/870, 23/871, 23/872, 23/873, 23/874, 23/875, 23/876, 23/6606 en 25/5684
Rechtbank Rotterdam · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Gegevens
Datum uitspraak
28 december 2012
Instantie
Rechtbank UtrechtRechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
SBR 12/348
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBUTR:2012:BY7790