ECLI:NL:RBZWB:2025:7340, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 15-10-2025, 11421376 \ CV EXPL 24-4244 (E) — RBZWB:2025:7340
Samenvatting
De kantonrechter heeft in het tussenvonnis van 11 juni 2025 overwogen dat de cao zo moet worden uitgelegd dat voor werknemer een netto jaarurennorm geldt van 1654 uur minus het toepasselijke aantal leeftijdsuren. Vervolgens is werkgever in de gelegenheid gesteld om bij akte stukken in het geding te brengen waaruit volgt of en zo ja hoe werkgever hieraan uitvoering heeft gegeven. Werkgever heeft bij akte na tussenvonnis stukken met een toelichting overgelegd waaruit volgt dat zij weliswaar een andere berekeningswijze heeft toegepast, maar dat de uitkomst hetzelfde is. De kantonrechter is van oordeel dat in het licht van deze gemotiveerde betwisting werknemer zijn vordering onvoldoende heeft onderbouwd. Daarom wijst de kantonrechter de vordering af.
Betrokken advocaten
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHAMS:2025:3502, Gerechtshof Amsterdam, 16-12-2025, 200.336.614/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:RBAMS:2025:8773, Rechtbank Amsterdam, 19-11-2025, 11918672
Rechtbank Amsterdam · Civiel Recht; Arbeidsrecht
ECLI:NL:RBZWB:2025:5948, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 11-06-2025, 11421376 \ CV EXPL 24-4244 (T)
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Civiel Recht; Arbeidsrecht
ECLI:NL:GHAMS:2025:1068, Gerechtshof Amsterdam, 22-04-2025, 200.336.614/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
15 oktober 2025
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-BrabantRechtsgebied
Civiel Recht; ArbeidsrechtZaaknummer
11421376 \ CV EXPL 24-4244 (E)
Procedure
Bodemzaak
ECLI
ECLI:NL:RBZWB:2025:7340