Peruaanse man veroordeeld voor doodsbedreigingen na conflict zoon — RBZWB:2026:2486
bedreiging / strafrecht
Eiser / verzoeker
Officier van justitie (mr. S.A.A.P. van Hees)
Verweerder / gedaagde
Verdachte (geboren 1977, Peru)
Verdachte veroordeeld tot een geldboete van €300 voor bedreiging van twee personen; vrijgesproken van bedreiging van een derde persoon; vordering tenuitvoerlegging voorwaardelijke gevangenisstraf van 36 maanden afgewezen.
- Bedreiging van twee aangevers bewezen verklaard op basis van doodsbedreigingen tijdens confrontatie na conflict met zoon van verdachte
- Vrijspraak voor bedreiging van derde aangever omdat dreigen met 'mijn neef van de mafia' geen bedreiging met misdrijf tegen het leven of zware mishandeling oplevert
- Vordering tenuitvoerlegging voorwaardelijke gevangenisstraf van 36 maanden afgewezen wegens wanverhouding tussen die straf en het huidige feit
- Geen contactverbod opgelegd ondanks advies reclassering, omdat de rechtbank daartoe geen aanleiding zag
- Geldboete van €300 opgelegd met aftrek van voorarrest à €100 per dag
Samenvatting
Een man van Peruaanse afkomst, woonachtig in de gemeente Reimerswaal, stond terecht voor het bedreigen van drie personen op 9 februari 2025. Aanleiding voor het incident was een ruzie waarbij zijn zoon betrokken was geraakt met een groep jongeren. In plaats van de situatie te laten rusten, zocht de verdachte zelf de confrontatie op met de jongeren.
Tijdens die confrontatie uitte de man meerdere doodsbedreigingen. Tegen één van de aangevers zei hij onder meer: 'jij bent dood, ik maak je dood, ik maak je kapot, jij komt aan mijn zoon, dat is jouw fout geweest.' Ook dreigde hij met het doodmaken van familieleden en het in brand steken van een woning. Een tweede aangever verklaarde dat de verdachte hem en zijn groep toevoegde: 'jullie gaan vandaag dood.'
De rechtbank sprak de man vrij van de bedreiging van een derde aangever. Die had verklaard dat de verdachte zei 'jullie moeten niet aan mij komen, ik haal mijn neef, die is van de mafia.' Volgens de rechtbank kwalificeren die woorden niet als een bedreiging met een misdrijf tegen het leven of met zware mishandeling, en is er dus onvoldoende grond voor veroordeling op dat punt.
Bij het bepalen van de straf woog de rechtbank mee dat de man eerder, op 30 maart 2023, door de rechtbank Oost-Brabant was veroordeeld wegens overtredingen van de Opiumwet. Hij kreeg toen een gevangenisstraf van 40 maanden, waarvan 36 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van drie jaar. De bedreigingen werden dus gepleegd terwijl die proeftijd nog liep. De reclassering kon door gebrek aan contact met de verdachte geen inschatting maken van het recidiverisico, maar adviseerde wel een contactverbod met de aangevers. De rechtbank zag daar echter geen aanleiding toe.
De officier van justitie vorderde ook dat de eerder voorwaardelijk opgelegde gevangenisstraf van 36 maanden alsnog ten uitvoer zou worden gelegd, maar vroeg tegelijkertijd die vordering af te wijzen. De rechtbank oordeelde dat hoewel de algemene voorwaarde formeel was overtreden, tenuitvoerlegging niet opportuun is: de zware straf staat niet in verhouding tot het feit waarvoor de man nu werd veroordeeld.
Uiteindelijk veroordeelde de rechtbank de man tot een geldboete van 300 euro. Omdat hij in voorarrest heeft gezeten, wordt de tijd die hij vastzat in mindering gebracht op de boete, tegen een tarief van 100 euro per dag.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBZWB:2026:660, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 05-02-2026, 02-280371-23 en 02-207557-21 (tul)
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Strafrecht
ECLI:NL:RBZWB:2026:666, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 03-02-2026, 02-048881-22
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Strafrecht
ECLI:NL:RBZWB:2026:535, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 29-01-2026, 02-050027-25
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Strafrecht
ECLI:NL:RBZWB:2026:536, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 29-01-2026, 02-050026-25
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Strafrecht
Gegevens
Datum uitspraak
2 april 2026
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-BrabantRechtsgebied
StrafrechtZaaknummer
02-149647-25; 01993335-21 (tul)
Procedure
Op tegenspraak
ECLI
ECLI:NL:RBZWB:2026:2486