ECLI:NL:RVS:2022:321, Raad van State, 02-02-2022, 202005619/1/R4 — RVS:2022:321
Samenvatting
Bij besluit van 19 juli 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Montferland [appellant] onder oplegging van een dwangsom gelast om het gebruik van de woning aan de [locatie] in 's-Heerenberg voor het huisvesten van meer dan één huishouden te beëindigen en beëindigd te houden. [appellant] heeft een uitzendbureau en is eigenaar van de woning aan de [locatie] in 's-Heerenberg. Op die woning is het bestemmingsplan "Kernen" en het bestemmingsplan "Parapluherziening Wonen en Horeca" van toepassing. Het college heeft [appellant] een last onder dwangsom opgelegd. De last houdt in dat [appellant] het gebruik van de woning voor het huisvesten van meer dan één huishouden moet beëindigen en beëindigd moet houden. Het college heeft daaraan ten grondslag gelegd dat tijdens een controle op 27 juni 2019 is geconstateerd dat zes arbeidsmigranten in de woning verbleven en dat zij niet één huishouden vormden.
Betrokken advocaten
mr. M. de Joode
appellant
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBGEL:2026:601, Rechtbank Gelderland, 28-01-2026, C/05/451105 / HA ZA 25-179
Rechtbank Gelderland · Civiel Recht
ECLI:NL:RBGEL:2025:9960, Rechtbank Gelderland, 19-11-2025, 11595296
Rechtbank Gelderland · Civiel Recht
ECLI:NL:RBGEL:2025:8302, Rechtbank Gelderland, 24-09-2025, C/05/437415 / HZ ZA 24-209
Rechtbank Gelderland · Civiel Recht
ECLI:NL:RBOBR:2025:5437, Rechtbank Oost-Brabant, 29-08-2025, 25/1805
Rechtbank Oost-Brabant · Bestuursrecht; Omgevingsrecht
Gegevens
Datum uitspraak
2 februari 2022
Instantie
Raad van StateRechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
202005619/1/R4
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:321