Juristi.nl
ECLI:NL:RVS:2022:416Bestuursrecht

ECLI:NL:RVS:2022:416, Raad van State, 09-02-2022, 202006216/1/A3 — RVS:2022:416

Samenvatting

Bij besluit van 24 januari 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Delft de aanvraag van [appellant A] en [appellant B] voor een voorrangsverklaring afgewezen. [appellant A] en [appellant B] hebben drie kinderen en wonen daarmee samen in een eengezinswoning, met twee slaapkamers en een tuin, aan de [locatie]. Twee van de kinderen, [dochter] en [zoon], hebben visuele beperkingen en een motorische ontwikkelingsachterstand als gevolg van het syndroom van Joubert. Op 31 december 2019 hebben [appellant A] en [appellant B] een aanvraag voor een voorrangsverklaring ingediend, omdat zij een woning wensen in de buurt van revalidatiecentrum Basalt en het Reinier de Graafziekenhuis in Delft, waar [dochter] en [zoon] worden behandeld, en de school in Delft waar [dochter] en [zoon] speciaal onderwijs zullen volgen. De woning waarin ze nu wonen is daarnaast te klein en [appellant B] is door de situatie overbelast.

Betrokken advocaten

mr. P. Hoogenraad

appellant

mr. P. Hoogenraad, MAASSLUIS

Y.S. Man

appellant

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

9 februari 2022

Rechtsgebied

Bestuursrecht

Zaaknummer

202006216/1/A3

Procedure

Hoger beroep

ECLI

ECLI:NL:RVS:2022:416

Bekijk op rechtspraak.nl