Juristi.nl
ECLI:NL:RVS:2023:2849Bestuursrecht

ECLI:NL:RVS:2023:2849, Raad van State, 26-07-2023, 202202484/1/A3 — RVS:2023:2849

Samenvatting

[appellant] heeft op 31 augustus 2021 beroep bij de rechtbank ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn bezwaar tegen de afwijzing door de deken van de Orde van Advocaten Rotterdam van een door hem ingediend verzoek. Bij e-mail van 28 januari 2021 heeft [appellant] aan de deken gevraagd om aanwijzing van een andere advocaat, omdat de advocaat die hem eerder bijstond niet langer actief is als rechtsbijstandverlener. De deken heeft het verzoek van [appellant] aangemerkt als een verzoek op grond van artikel 13, eerste lid, van de Advocatenwet. De deken heeft dit verzoek op 1 februari 2021 afgewezen. Daarbij heeft de deken vermeld dat [appellant] binnen zes weken na verzending van het bericht beklag kan doen bij het Hof van Discipline als hij het niet eens is met de afwijzing. Bij e-mail van 8 februari 2021 dient [appellant] bij de deken een bezwaarschrift in tegen de afwijzing van zijn verzoek, waarop de deken hem op 10 februari 2021 weer wijst op de beklagprocedure. Op 14 juni 2021 heeft [appellant] de deken in gebreke gesteld wegens het niet (tijdig) beslissen op zijn bezwaarschrift van 8 februari 2021. Op 17 juni 2021 heeft de deken [appellant] opnieuw gewezen op de mogelijkheid van beklag en aangegeven dat de deken verder niets voor [appellant] kan betekenen.

Betrokken advocaten

mr. P. Hanenberg

appellant

Hanenberg Advocatuur, ROTTERDAM

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

26 juli 2023

Rechtsgebied

Bestuursrecht

Zaaknummer

202202484/1/A3

Procedure

Hoger beroep

ECLI

ECLI:NL:RVS:2023:2849

Bekijk op rechtspraak.nl