Juristi.nl

ECLI:NL:RVS:2024:2540, Raad van State, 26-06-2024, 202102873/1/V3 — RVS:2024:2540

Samenvatting

Bij besluit van 11 december 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om afgifte van een document als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Vw 2000, waaruit rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan blijkt, afgewezen. De vreemdeling heeft de Marokkaanse nationaliteit en heeft sinds januari 2019 een relatie met zijn partner die de Nederlandse nationaliteit heeft. Zij wonen vanaf juli 2019 samen. De vreemdeling heeft de staatssecretaris op 7 oktober 2019 verzocht hem een artikel 9 document te verstrekken, omdat hij bij de minderjarige zoon van zijn partner wenst te verblijven. Deze zoon heeft ook de Nederlandse nationaliteit. Nadat de staatssecretaris die aanvraag heeft afgewezen, heeft de vreemdeling op 6 november 2020 met zijn partner een zoon gekregen. De staatssecretaris heeft hierin aanleiding gezien om op 18 januari 2021 alsnog een artikel 9 document aan de vreemdeling te verstrekken. In het hoger beroep gaat het om de vraag of de staatssecretaris een eerdere ingangsdatum had kunnen of moeten vaststellen.

Betrokken advocaten

mr. E.C. Gelok

Advokatenkollektief Oost, AMSTERDAM

mr. C. Wesenbeek

mr. L. Verheijen

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

26 juni 2024

Zaaknummer

202102873/1/V3

Procedure

Hoger beroep

ECLI

ECLI:NL:RVS:2024:2540

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

RVS:2026:1793
Raad van State·31 mrt 2026
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
RVS:2026:1792
Raad van State·31 mrt 2026
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
RVS:2026:1775
Raad van State·30 mrt 2026
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht