ECLI:NL:RVS:2024:2617, Raad van State, 26-06-2024, 202202543/1/V3 — RVS:2024:2617
Samenvatting
Bij besluit van 7 januari 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid het door de vreemdeling gemaakte bezwaar tegen de weigering hem een sticker ‘verblijfsaantekeningen gemeenschapsonderdanen’ te verstrekken, ongegrond verklaard. De vreemdeling heeft de Marokkaanse nationaliteit en heeft sinds januari 2019 een relatie met zijn echtgenote die de Nederlandse nationaliteit heeft. Zij wonen vanaf juli 2019 samen met een minderjarige zoon van de echtgenote. Op 6 november 2020 heeft de vreemdeling met zijn echtgenote een zoon gekregen. Zowel het stiefkind als het biologische kind hebben de Nederlandse nationaliteit. De vreemdeling heeft twee verschillende aanvragen ingediend voor afgifte van een document als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Vw 2000, waaruit rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan blijkt. Met beide aanvragen beoogt de vreemdeling rechtmatig verblijf te verkrijgen als stiefvader bij zijn stiefzoon op grond van artikel 20 van het VWEU in combinatie met het arrest van het Hof van Justitie van 10 mei 2017, Chavez-Vilchez, ECLI:EU:C:2017:354.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2025:26743, Rechtbank Den Haag, 19-12-2025, C/09/683415 / HA RK 25-176
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht
ECLI:NL:RBDHA:2025:25229, Rechtbank Den Haag, 25-11-2025, C/09/688010 / HA RK 25-347
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht
ECLI:NL:RVS:2025:5292, Raad van State, 05-11-2025, 202407786/1/V3
Raad van State · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:20652, Rechtbank Den Haag, 20-10-2025, NL25.3262
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Gegevens
Datum uitspraak
26 juni 2024
Instantie
Raad van StateRechtsgebied
Bestuursrecht; VreemdelingenrechtZaaknummer
202202543/1/V3
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2617