Juristi.nl
ECLI:NL:RVS:2024:816Bestuursrecht

ECLI:NL:RVS:2024:816, Raad van State, 28-02-2024, 202201852/1/A3 — RVS:2024:816

Samenvatting

Bij besluit van 10 december 2021 heeft de minister een aanvraag van [appellant] voor een verklaring omtrent het gedrag afgewezen. Bij besluit van 25 februari 2022 heeft de minister het door [appellant] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. [wederpartij] is rijinstructeur en dient in dat verband te beschikken over een VOG. Hij heeft een VOG aangevraagd omdat zijn WRM-bevoegdheidspas op 30 maart 2022 verloopt en hij een nieuwe bevoegdheidspas moet aanvragen met een geldigheidsduur van vijf jaar. Volgens de minister is aan het objectieve criterium voldaan, omdat in de justitiële gegevens vermeld staat dat [wederpartij] wordt verdacht van het seksueel binnendringen van het lichaam van een persoon beneden de 16 jaar en ontucht met misbruik van gezag. [wederpartij] zou dit delict bij zijn minderjarige stiefdochter hebben gepleegd in de periode van 1 januari 2019 tot en met 22 april 2021. Bij de beoordeling van het subjectieve criterium bestaat volgens de minister geen aanleiding om in de omstandigheden van het geval de VOG desondanks aan [wederpartij] te verlenen. De minister heeft daarom geweigerd aan [wederpartij] een VOG te verlenen.

Betrokken advocaten

mr. C.M.A.V. van Kleef

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

28 februari 2024

Rechtsgebied

Bestuursrecht

Zaaknummer

202201852/1/A3

Procedure

Hoger beroep

ECLI

ECLI:NL:RVS:2024:816

Bekijk op rechtspraak.nl