ECLI:NL:RVS:2025:2570, Raad van State, 05-06-2025, 202403847/3/R1 — RVS:2025:2570
Samenvatting
Bij brief, ingekomen op 22 mei 2025, heeft [verzoeker] verzocht om wraking van mr. J.H. van Breda, als lid van de enkelvoudige kamer belast met de behandeling van zaak nummer 202403847/1/R1. [verzoeker] heeft het verzoek om wraking gedaan naar aanleiding van de tussenuitspraak van 23 april 2025, ECLI:NL:RVS:2025:1818. Hij verzoekt om gehoord te worden nadat het college van burgemeester en wethouders van Bergen het in voormelde tussenuitspraak geconstateerde gebrek heeft hersteld en voordat de Afdeling einduitspraak doet. [verzoeker] verzoekt ook dat de einduitspraak niet wordt gedaan door de staatsraad, omdat de tussenuitspraak niet objectief en onafhankelijk tot stand is gekomen. Volgens [verzoeker] is de tussenuitspraak in strijd met wat op de zitting is verhandeld.
Betrokken advocaten
mr. J.H. van Breda
verzoeker
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RVS:2026:1295, Raad van State, 09-03-2026, 202503480/1/V3
Raad van State · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RVS:2025:5872, Raad van State, 03-12-2025, 202305995/1/R2
Raad van State · Bestuursrecht; Omgevingsrecht
ECLI:NL:RVS:2025:3302, Raad van State, 10-07-2025, 202503584/2/R1
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RVS:2025:873, Raad van State, 05-03-2025, 202302047/1/R3
Raad van State · Bestuursrecht; Omgevingsrecht
Gegevens
Datum uitspraak
5 juni 2025
Instantie
Raad van StateRechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
202403847/3/R1
Procedure
Wraking
ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2570