ECLI:NL:RVS:2025:2646, Raad van State, 11-06-2025, 202300115/1/R2 en 202300228/1/R2 — RVS:2025:2646
Samenvatting
Bij besluit van 17 januari 2020 heeft het college van gedeputeerde staten van Overijssel aan de Stichting Faunabeheereenheid Overijssel een vergunning op grond van artikel 2.7 van de Wet natuurbescherming verleend voor het verjagen van kolganzen, grauwe ganzen en brandganzen met ondersteunend afschot in en rond een aantal Overijsselse Natura 2000-gebieden in de periode van 1 oktober tot 1 maart. Aan de natuurvergunning zijn voorschriften verbonden. De voorschriften en de daarin opgenomen beperkingen verschillen per Natura 2000-gebied. Voor zes van de negen Natura 2000-gebieden zijn zogenoemde bufferzones aangewezen. De Faunabescherming en de Vogelbescherming hebben verschillende bezwaren naar voren gebracht tegen de natuurvergunning. Het college heeft bij besluit van 8 juli 2020 de bezwaren ongegrond verklaard. De rechtbank heeft het besluit op bezwaar vernietigd en het primaire besluit waarbij de natuurvergunning werd verleend herroepen. De rechtbank komt op basis van het deskundigenverslag, dat door de STAB is uitgebracht op verzoek van de rechtbank, tot het oordeel dat de natuurvergunning om de volgende redenen niet in stand kan blijven.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBNHO:2026:594, Rechtbank Noord-Holland, 20-01-2026, 22/4848
Rechtbank Noord-Holland · Bestuursrecht
ECLI:NL:RVS:2025:6258, Raad van State, 22-12-2025, 202505095/1/R3 en 202505095/2/R3
Raad van State · Bestuursrecht; Omgevingsrecht
ECLI:NL:RBGEL:2025:11251, Rechtbank Gelderland, 19-12-2025, 25/4615 en 25/4616
Rechtbank Gelderland · Bestuursrecht; Bestuursprocesrecht
ECLI:NL:RBGEL:2025:11272, Rechtbank Gelderland, 19-12-2025, ARN 25/5884, 25/5908 en 25/5943
Rechtbank Gelderland · Bestuursrecht
Gegevens
Datum uitspraak
11 juni 2025
Instantie
Raad van StateRechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
202300115/1/R2 en 202300228/1/R2
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2646