ECLI:NL:RVS:2025:2846, Raad van State, 25-06-2025, 202402988/1/A3 — RVS:2025:2846
Samenvatting
Bij besluit van 25 april 2022 heeft de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aan [appellante] een boete opgelegd van € 16.875,00 omdat zij geen deugdelijke registratie van de arbeids- en rusttijden heeft gevoerd. [appellante] stelt arbeidskrachten beschikbaar aan bedrijven in de bloemenbranche. Na een melding van één van de arbeidskrachten hebben arbeidsinspecteurs onderzoek gedaan. Tijdens hun onderzoek hebben zij aangifte gedaan van mogelijke valsheid in geschrifte. Het Openbaar Ministerie is daarop een strafrechtelijk onderzoek gestart en gegevens van [appellante] gevorderd. Het OM heeft het strafrechtelijke onderzoek gestopt zonder een straf te vorderen. De arbeidsinspecteurs zijn wel verder gegaan en hebben een boeterapport opgesteld. Daarin is vastgesteld dat de registratie van de arbeids- en rusttijden ondeugdelijk is. [appellante] voert aan dat het besluit om de boete op te leggen niet correct tot stand is gekomen. Volgens haar hebben de arbeidsinspecteurs strafrechtelijke onderzoeks- en opsporingsbevoegdheden misbruikt.
Betrokken advocaten
mr. J.P. Stokkers
appellant
mr. F.H.H. Sijbers
appellant
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RVS:2026:1749, Raad van State, 25-03-2026, 202300717/2/V1
Raad van State · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:GHDHA:2025:2836, Gerechtshof Den Haag, 17-12-2025, BK-24/740 tot en met BK-24/750
Gerechtshof Den Haag · Bestuursrecht; Belastingrecht
ECLI:NL:RBLIM:2025:8352, Rechtbank Limburg, 27-08-2025, ROE 23/237
Rechtbank Limburg · Bestuursrecht
ECLI:NL:RVS:2025:3985, Raad van State, 20-08-2025, 202304180/1/A3
Raad van State · Bestuursrecht
Gegevens
Datum uitspraak
25 juni 2025
Instantie
Raad van StateRechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
202402988/1/A3
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2846