ECLI:NL:RVS:2025:4308, Raad van State, 10-09-2025, 202402263/1/A3 — RVS:2025:4308
Samenvatting
Bij besluit van 5 april 2022 (met kenmerk: 072100340/04) heeft de minister aan [appellante] een bestuurlijke boete opgelegd van € 4.500,00. [appellante] heeft bij asbestsaneringswerkzaamheden gebruik gemaakt van een mobiele torenkraan met werkplatform. Uit een door de Inspectie SZW opgesteld boeterapport van 10 februari 2021 volgt dat de twee werknemers op het werkplatform waren aangelijnd aan een valstopapparaat met een te lange vallijn. Eén van de werknemers is van het werkplatform afgestapt op een niet draagkrachtig, asbesthoudend dak. De inspecteur heeft verder vastgesteld dat niet is gebleken dat andere meer geëigende arbeidsmiddelen of werkmethoden beschikbaar waren om het dak te bereiken, zoals een verreiker. Daardoor was de torenkraan uitsluitend geschikt voor het vervoer van goederen en niet voor personen. De rechtbank heeft geoordeeld dat de boete terecht is opgelegd en [appellante] niet aannemelijk heeft gemaakt dat er andere meer geëigende arbeidsmiddelen dan de torenkraan beschikbaar waren.
Betrokken advocaten
mr. B.M. van der Kuil
appellant
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RVS:2025:6394, Raad van State, 24-12-2025, 202405065/1/A2
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RVS:2025:6149, Raad van State, 17-12-2025, 202404196/1/A3
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBOVE:2025:7300, Rechtbank Overijssel, 10-12-2025, AK_25_607
Rechtbank Overijssel · Bestuursrecht
ECLI:NL:RVS:2025:5733, Raad van State, 26-11-2025, 202307875/1/R2
Raad van State · Bestuursrecht
Gegevens
Datum uitspraak
10 september 2025
Instantie
Raad van StateRechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
202402263/1/A3
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4308