ECLI:NL:RVS:2025:6302, Raad van State, 16-12-2025, 202500511/1/A2 — RVS:2025:6302
Samenvatting
[appellant] heeft een urgentieaanvraag op sociaal-medische gronden ingediend omdat zijn woning, een tweekamerwoning van 43 vierkante meter, te klein is voor zijn gezin dat in 2023 naar Nederland is gekomen. Verder heeft [appellant] aan zijn aanvraag ten grondslag gelegd dat hij rugklachten heeft, waardoor hij moeite heeft met traplopen. Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam heeft bij besluit van 7 oktober 2023 de urgentieaanvraag van [appellant] afgewezen. Volgens het college is sprake van meerdere algemene weigeringsgronden. Bij besluit van 16 februari 2024 heeft het college het daartegen door [appellant] gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. De rechtbank heeft vervolgens bij uitspraak van 12 december 2024 het daartegen door [appellant] ingestelde beroep ongegrond verklaard. Het hoger beroep richt zich tegen deze uitspraak.
Betrokken advocaten
mr. J.M. Willems
appellant
mr. J. van den Boorn
appellant
mr. S. Yildiz Verschenen
appellant
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RVS:2026:587, Raad van State, 03-02-2026, 202404021/4/A3
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RVS:2025:6324, Raad van State, 24-12-2025, 202405050/1/A2
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RVS:2025:6301, Raad van State, 16-12-2025, 202500108/1/A2
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBAMS:2025:8601, Rechtbank Amsterdam, 12-11-2025, 25/3810
Rechtbank Amsterdam · Bestuursrecht; Bestuursprocesrecht
Gegevens
Datum uitspraak
16 december 2025
Instantie
Raad van StateRechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
202500511/1/A2
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6302