Juristi.nl

Raad van State verlaagt dwangsom traag visumproces — RVS:2026:1793

dwangsom bij niet tijdig beslissen op verblijfsaanvraag (vreemdelingenrecht)

Eiser / verzoeker

Minister van Asiel en Migratie

VS

Verweerder / gedaagde

Betrokkene (aanvrager machtiging tot voorlopig verblijf)

De Raad van State verlaagt de dwangsom van €250 per dag (max. €37.500) naar €100 per dag (max. €7.500).

  • Een verhoogde dwangsom van €250 per dag is alleen gerechtvaardigd bij aantoonbare weigerachtigheid van het bestuursorgaan of een bijzonder groot belang — geen van beide was hier aanwezig.
  • Het enkele feit dat de minister niet heeft uitgelegd waarom hij niet eerder onderzoek startte, maakt hem nog niet weigerachtig.
  • De standaarddwangsom in vreemdelingenzaken bedraagt €100 per dag met een maximum van €7.500; een hogere dwangsom moet uitzondering blijven.
  • De Raad van State past de hoogte van de dwangsom zelf aan van €250 per dag (max. €37.500) naar €100 per dag (max. €7.500).

Samenvatting

Een man wachtte al lange tijd op een beslissing over een machtiging tot voorlopig verblijf voor zijn kinderen. Omdat de minister van Asiel en Migratie maar geen besluit nam, stapte de man naar de rechter. De rechtbank Den Haag stelde vast dat de minister een dwangsom had verbeurd van ruim €1.400 wegens het niet tijdig beslissen. Bovendien legde de rechtbank een extra prikkel op: voor elke dag dat de minister ook daarna te laat zou zijn, zou hij €250 per dag moeten betalen, met een maximum van €37.500. Dat hoge bedrag koos de rechtbank omdat de minister niet had uitgelegd waarom hij niet eerder onderzoek had ingesteld.

De minister tekende hoger beroep aan bij de Raad van State. Hij voerde aan dat hij meer tijd nodig had om zorgvuldig te beslissen en dat hij daarvoor nader onderzoek wilde doen in de vorm van een gehoor. De kinderen van de betrokkene waren al uitgenodigd voor een interview op de Nederlandse ambassade in Ankara. De minister stelde zich dan ook niet weigerachtig op. Bovendien betoogde hij dat een dwangsom van €250 per dag in dit geval niet als prikkel werkt, maar eerder het karakter krijgt van een boete of schadevergoeding — iets wat buiten het doel van de dwangsomregeling valt.

De Raad van State gaf de minister gelijk. Volgens vaste rechtspraak mag een rechter de hoogte van een dwangsom vrij bepalen, maar moet hij daarbij redelijke grenzen in acht nemen en aansluiten bij de omstandigheden van het geval. In vreemdelingenzaken geldt als standaardbeleid een dwangsom van €100 per dag met een maximum van €7.500. Een hogere dwangsom van €250 per dag is alleen gerechtvaardigd als een bestuursorgaan aantoonbaar weigerachtig is of als er sprake is van een bijzonder groot belang. Aan geen van beide voorwaarden was hier voldaan.

Dat de minister niet had uitgelegd waarom hij niet eerder onderzoek was gestart, betekent nog niet dat hij weigerachtig was, aldus de Raad van State. De rechtbank had dit oordeel onvoldoende onderbouwd, zeker in het licht van de door de minister aangevoerde omstandigheden. Ook een buitengewoon groot belang dat de hogere dwangsom zou rechtvaardigen, was niet gebleken. De Raad van State benadrukte bovendien dat een dwangsom van de door de rechtbank opgelegde hoogte uitzondering moet blijven en niet de norm mag worden.

De Raad van State vernietigde het deel van de rechtbankuitspraak over de hoogte van de toekomstige dwangsom en stelde deze vast op €100 per dag met een maximum van €7.500.

Betrokken advocaten

mr. E.R. Coene

verweerder

Cleerdin & Hamer, AMSTERDAM

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

31 maart 2026

Zaaknummer

202301769/1/V1

Procedure

Hoger beroep

ECLI

ECLI:NL:RVS:2026:1793

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

Raad van State verlaagt dwangsom in mvv-zaak van €37.500 naar €7.500
Raad van State·31 maart 2026
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Minister hoeft asieluitspraak niet uit te voeren tijdens hoger beroep
Raad van State·30 maart 2026
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Raad van State blokkeert uitzetting asielzoekers hangende hoger beroep
Raad van State·30 maart 2026
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Raad van State: rechter had asielzaak Egyptenaar niet mogen seponeren
Raad van State·30 maart 2026
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Rechter schort asieluitspraak op verzoek minister op
Raad van State·30 maart 2026
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht