Kempen Airport verliest hoger beroep door te laat indienen gronden — RVS:2026:1814
omgevingsvergunning zonnepark / niet-ontvankelijkheid hoger beroep (Crisis- en herstelwet)
Eiser / verzoeker
Brabant Luchtvaart Beheer B.V. h.o.d.n. Kempen Airport
Verweerder / gedaagde
College van burgemeester en wethouders van Cranendonck
Het hoger beroep van Kempen Airport is niet-ontvankelijk verklaard wegens het te laat indienen van beroepsgronden onder de Crisis- en herstelwet.
- Op grond van de Crisis- en herstelwet moeten beroepsgronden in hoger beroep binnen de hogerberoepstermijn worden ingediend; na afloop van die termijn kunnen geen gronden meer worden aangevoerd.
- Kempen Airport diende de gronden pas in na afloop van de hogerberoepstermijn (17 augustus 2023), waardoor het hoger beroep niet-ontvankelijk is.
- De rechtsmiddelenverwijzing in de aangevallen uitspraak vermeldde expliciet de Chw-vereisten; een professionele rechtsbijstandverlener had hieruit moeten begrijpen dat tijdige indiening van gronden verplicht was.
- De brief van de Raad van State die ten onrechte een herstelmogelijkheid bood, doet niet af aan de niet-ontvankelijkheid, omdat niet aannemelijk was dat die brief de reden was voor het late indienen.
- Door de niet-ontvankelijkheid wordt de omgevingsvergunning voor zonnepark 'Nyrstar II' niet inhoudelijk getoetst en blijft deze in stand.
Samenvatting
Kempen Airport, de luchthaven in Budel in de gemeente Cranendonck, maakte bezwaar tegen een omgevingsvergunning voor de aanleg van een groot zonnepark vlak naast haar terrein. Het zonnepark 'Nyrstar II' beslaat ruim 41 hectare op een braakliggend deel van het industrieterrein van zinkfabriek Nyrstar, direct ten zuiden van de luchthaven. Kempen Airport vreesde dat de zonnepanelen onaanvaardbare veiligheidsrisico's zouden opleveren voor piloten van kleine vliegtuigen die opstijgen en landen op luchthaven Budel.
Het college van burgemeester en wethouders van Cranendonck verleende in oktober 2022 de vergunning voor het zonnepark, waarvoor een afwijking van het geldende bestemmingsplan nodig was. De gronden hebben officieel een bedrijventerreinbestemming, maar het college maakte gebruik van zijn bevoegdheid om daar bij uitzondering van af te wijken. De rechtbank Oost-Brabant verklaarde het beroep van Kempen Airport in juli 2023 ongegrond en liet de vergunning in stand.
Kempen Airport stelde vervolgens hoger beroep in bij de Raad van State. De luchthaven diende op 10 augustus 2023 — binnen de beroepstermijn — een pro forma hogerberoepschrift in, dat wil zeggen: een beroepschrift zonder inhoudelijke onderbouwing. De Raad van State stelde de luchthaven vervolgens bij brief in de gelegenheid om de gronden alsnog in te dienen, met een deadline van 12 september 2023. Kempen Airport leverde de gronden op 11 september 2023 in — daarmee buiten de wettelijke hogerberoepstermijn, die al op 17 augustus 2023 was verstreken.
Dat vormt een cruciaal probleem, omdat op deze zaak de Crisis- en herstelwet (Chw) van toepassing is. Die wet schrijft strikt voor dat beroepsgronden binnen de beroepstermijn moeten worden ingediend en daarna niet meer kunnen worden aangevuld. De rechtbank had dit ook uitdrukkelijk vermeld in de rechtsmiddelenverwijzing onderaan haar uitspraak.
De Raad van State oordeelt dat Kempen Airport, en met name haar gemachtigde als professionele rechtsbijstandverlener, uit die rechtsmiddelenverwijzing had moeten begrijpen dat de inhoudelijke gronden binnen de hogerberoepstermijn ingediend moesten worden. Dat de Afdeling bij brief per abuis toch een herstelmogelijkheid had geboden, maakt dat niet anders. Tijdens de zitting werd bovendien niet aannemelijk dat die brief de reden was om de gronden pas later in te dienen.
De Raad van State verklaart het hoger beroep dan ook niet-ontvankelijk. De inhoudelijke bezwaren van Kempen Airport over de veiligheidsrisico's voor de luchtvaart worden daardoor niet beoordeeld, en de omgevingsvergunning voor het zonnepark blijft gewoon van kracht.
Betrokken advocaten
mr. dr. R.M. Schnitker
appellant
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2025:27158, Rechtbank Den Haag, 26-11-2025, SGR AWB 25/3365
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Europees Bestuursrecht
ECLI:NL:RBZWB:2025:7551, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 04-11-2025, C/02/437570 / HA RK 25-163 (E)
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Civiel Recht
ECLI:NL:RBOVE:2025:5202, Rechtbank Overijssel, 14-08-2025, ak_24_4362
Rechtbank Overijssel · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBNHO:2025:6714, Rechtbank Noord-Holland, 24-06-2025, 24/1281
Rechtbank Noord-Holland · Bestuursrecht
Gegevens
Datum uitspraak
1 april 2026
Instantie
Raad van StateRechtsgebied
Bestuursrecht; OmgevingsrechtZaaknummer
202305187/1/R2
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1814