ECLI:NL:RVS:2026:198, Raad van State, 14-01-2026, 202307800/1/R3 — RVS:2026:198
Samenvatting
Bij besluit van 16 november 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag geweigerd om aan [appellant] omgevingsvergunning te verlenen voor het kappen van een watercipres aan de Van Trigtstraat 1 in Den Haag. [appellant] woont aan de [locatie] in Den Haag. Aan de zijkant van de woning is een smalle strook die behoort tot de tuin. Hier staat een watercipres vlak bij de woning. [appellant] wil deze boom kappen, omdat deze schade veroorzaakt aan het wandelpad op deze strook en volgens hem ook schade zal kunnen veroorzaken aan de fundering van zijn woning. Het college heeft de door [appellant] gevraagde kapvergunning geweigerd, omdat het aan de hand van het ingevulde BAF tot de conclusie is gekomen dat het belang bij het behoud van de boom zwaarder weegt dan de belangen van [appellant] bij het kappen van deze boom. De rechtbank heeft het hiertegen gerichte beroep van [appellant] ongegrond verklaard. [appellant] is het hier niet mee eens.
Betrokken advocaten
mr. D.F. Lansbergen
appellant
mr. W.P. van Lith
appellant
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBZWB:2025:9230, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 23-12-2025, 24/7353
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Bestuursrecht; Bestuursprocesrecht
ECLI:NL:RBGEL:2025:11245, Rechtbank Gelderland, 19-12-2025, ARN 25/1475
Rechtbank Gelderland · Bestuursrecht; Bestuursprocesrecht
ECLI:NL:RVS:2025:5964, Raad van State, 10-12-2025, 202404876/1/R3
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RVS:2025:5877, Raad van State, 03-12-2025, 202302311/1/A3
Raad van State · Bestuursrecht
Gegevens
Datum uitspraak
14 januari 2026
Instantie
Raad van StateRechtsgebied
Bestuursrecht; OmgevingsrechtZaaknummer
202307800/1/R3
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:198