ECLI:NL:RVS:2026:440, Raad van State, 27-01-2026, BRS.26.000133 — RVS:2026:440
Samenvatting
Bij besluit van 6 oktober 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Ook heeft zij geweigerd betrokkene ambtshalve een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen en hem opgedragen om Nederland binnen vier weken te verlaten.
Betrokken advocaten
Mettendaf Advocatuur, AMSTERDAM
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2025:22098, Rechtbank Den Haag, 21-11-2025, 24/4264 en 24/4966
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Bestuursprocesrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:24365, Rechtbank Den Haag, 24-09-2025, NL25.28641
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:19528, Rechtbank Den Haag, 24-09-2025, 24-7177
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBAMS:2025:4194, Rechtbank Amsterdam, 20-06-2025, 24/1892
Rechtbank Amsterdam · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Gegevens
Datum uitspraak
27 januari 2026
Instantie
Raad van StateRechtsgebied
Bestuursrecht; VreemdelingenrechtZaaknummer
BRS.26.000133
Procedure
Voorlopige voorziening
ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:440