ECLI:NL:RVS:2026:477, Raad van State, 28-01-2026, 202408075/1/A3 — RVS:2026:477
Samenvatting
Bij besluit van 4 juli 2023 heeft de burgemeester van Den Haag de woning aan de [locatie] in Den Haag voor drie maanden gesloten op grond van artikel 13b van de Opiumwet. [appellant] huurde een woning aan de [locatie] in Den Haag. De burgemeester heeft [appellant] een last onder bestuursdwang opgelegd, inhoudende de tijdelijke sluiting van de woning voor drie maanden ingaande 11 juli 2023 om 11:00 uur en eindigend op 11 oktober 2023 om 11:00 uur, op grond van artikel 13b van de Opiumwet. De sluiting van de woning berust op een op ambtseed/ambtsbelofte opgemaakte bestuurlijke rapportage van de politie van 30 mei 2023. In de bestuurlijke rapportage van 30 mei 2023 staat dat in de periode van 15 december 2022 tot en met 24 mei 2023 diverse incidenten hebben plaatsgevonden, waaronder aan drugs gerelateerde overlast. Het onderzoek van de politie doet de burgemeester ernstig vermoeden dat in de woning structureel wordt gehandeld in verdovende middelen en/of verdovende middelen worden verstrekt. De burgemeester baseert zich daarbij op de verklaringen van buurtbewoners die bij de politie meldingen hebben gemaakt van aan drugshandel gerelateerde overlast.
Betrokken advocaten
mr. J.J. Markerink
appellant
mr. G.A.A.M. Zwagemakers
appellant
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBAMS:2025:6825, Rechtbank Amsterdam, 17-09-2025, C/13/766854 / KG ZA 25-225 NB/MV
Rechtbank Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:RBAMS:2025:6046, Rechtbank Amsterdam, 19-08-2025, 772988
Rechtbank Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:RBAMS:2025:2256, Rechtbank Amsterdam, 03-04-2025, C/13/766370
Rechtbank Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:RBAMS:2024:8265, Rechtbank Amsterdam, 17-12-2024, C/13/761164 / KG ZA 24-1010
Rechtbank Amsterdam · Civiel Recht; Burgerlijk Procesrecht
Gegevens
Datum uitspraak
28 januari 2026
Instantie
Raad van StateRechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
202408075/1/A3
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:477