ECLI:NL:RVS:2026:744, Raad van State, 11-02-2026, 202207339/1/R2 — RVS:2026:744
Samenvatting
Bij besluit van 28 februari 2022 heeft de minister voor Natuur en Stikstof het verzoek van 25 augustus 2021 van de vereniging en anderen tot handhavend optreden tegen het havenbedrijf wegens het niet voldoen aan de compensatieverplichting op grond van voorschrift 23a van de vergunning die aan het havenbedrijf is verleend op grond van de Natuurbeschermingswet 1998 op 17 april 2008, afgewezen. De vereniging en anderen hebben aan de minister verzocht om handhavend op te treden tegen het havenbedrijf, omdat volgens hen niet is voldaan aan de compensatieverplichting zoals neergelegd in voorschrift 23a van de natuurvergunning. Ook hebben de vereniging en anderen verzocht om aanpassing van voorschrift 23a op grond van artikel 5.4 van de Wnb. Volgens de vereniging en anderen zijn onvoldoende maatregelen getroffen in het bodembeschermingsgebied om 10% ecologische winst te behalen. Daardoor is het verlies van areaal van habitattype H1110B onvoldoende gecompenseerd. Ter onderbouwing verwijst de vereniging naar het NCV-rapport. Volgens de vereniging en anderen had het toegangsbeperkingsbesluit niet alleen de maatregel moeten omvatten dat de boomkorvisserij wordt beperkt, maar hadden ook andere vormen van bodembeïnvloedende visserij - zoals garnalenvisserij - moeten worden beperkt.
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RVS:2026:1362, Raad van State, 11-03-2026, 202501627/1/A2
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RVS:2025:4210, Raad van State, 03-09-2025, 202306164/1/A3
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RVS:2025:873, Raad van State, 05-03-2025, 202302047/1/R3
Raad van State · Bestuursrecht; Omgevingsrecht
ECLI:NL:RVS:2025:788, Raad van State, 26-02-2025, 202202603/1/R3
Raad van State · Bestuursrecht
Gegevens
Datum uitspraak
11 februari 2026
Instantie
Raad van StateRechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
202207339/1/R2
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:744